Edith Falls & Kakadu NP
We staan op, een heerlijke nacht nacht zonder mosquitos – de spuitbus verricht wonderen maar nog veel belangrijker is dat ik geen spierpijn heb én dat had ik niet echt verwacht. Vandaag rijden we eerst terug naar Katherine waar we eerst in een lokaal kunstwinkeltje berichtjes via internet naar het thuisfront sturen. Daarna keren we eerst 28 km terug langs Stuart Highway. We willen nl. nog eerst eventjes de Cutta Cutta Caves bezoeken.We zijn nog net op tijd om de begeleide rondleiding mee te volgen. We worden aan de ingang van de cave opgewacht door een ranger. Hij vertelt ons smakelijk over de lizards en snakes die in de deze grot leven. De slangen zijn bijzonder giftig maar niet agressief, dus zolang je je vinger niet in hun strot duwt kan er niets gebeuren. De slangen liggen trouwens hoog en droog en verbergen zich in holletje. Hij weet ze liggen en belicht ze met zijn zaklamp. Hij vertelt ons dat het aantal lizards en slangen ook in deze grot een angstaanjagende sterfte kent. De boosdoener is de canetoad.
De canetoad is een zeer giftige reuzenpad uit Latijns-Amerika. Men heeft deze begin jaren 70 ingevoerd om de suikerrietplantages in Queensland te beschermen tegen ongedierte. Maar naast het feit dat het beoogde effect nooit bereikt werd, heeft de canetoad geen natuurlijke tegenstand. Hierdoor verspreidt hij zich in een razendtempo. (net zoals de vossen, konijnen, dingo’s en kamelen). Alle lokale dieren die deze canetoad opeten, vergiftigen zichzelf en sterven. De canetoad is opgerukt van Queensland tot in Northern Territory en een aantal jaar gelden is hij in Katherine toegekomen. De gevolgen voor de lizards, slangen, vogels én zelfs krokodillen is fenomenaal. Men hoopt dat de dieren na verloop van tijd een antistof zullen maken tegen het gif van de canetoad en dat het biologisch evenwicht zich na 10-20 jaar zal herstellen. Maar voorlopig zijn de gevolgen dramatisch. En ander merkwaardig fenomeen bij deze grotten is het gevolg van het regenseizoen. Grotten groeien doordat er constant water drupt, maar bij deze grotten drupt er enkel water in het regenseizoen. Eénmaal dat de droogte zijn intrede doet, stopt ook het druppen en groeit de grot niet verder aan. Het proces van stalagtieten en –mieten gaat dus de helft zo traag als bij andere grotten. Je merkt trouwens ook dat in het eerste gedeelte van de grot veel stalagtieten afgebroken zijn. Dit is nog een restant van WOII. De grot was een frisse plaats waar dus ook de pintjes fris waren. Dus kwamen de militairen hier af en toe feesten, en zoals het de Ozzies wel betaamt feesten ze ook toen als de beesten. De naam cutta cutta is het aboriginal voor sterrenhemel. Hiermee verwijzen ze naar de vele glinsteringen in de grot, waardoor het binnenin lijkt alsof je naar de sterrenhemel zit te kijken. De grot zelf is niet zo spectaculair maar de uitleg van de ranger des te meer.Na een uurtje rijden we terug naar Katherine, om daarna koers te zetten naar Edith Falls (Leliyn NP). Ook nu overnachten we weer in het Nationale Park.
Er vertrekt een wandeling naar de Upper pools van Edith river. Je kunt zwemmen in deze pools én dat is in deze temperaturen bijzonder aangenaam. Maar wanneer je weet dat je voor de rest niet kunt zwemmen omwille van het gevaar van Salties, dan hebben deze pools een extra aantrekkingskracht. We wandelen zo’n 45 minuutjes naar de Upperpool. Het is bijzonder warm en de wandeling is af en toe stevig klimmen en klauteren. Onderweg komen we een ozzie-familie tegen. Ze beloven ons dat het echt de moeite waard is om door te zeten.En dan komen we bij een eerste uitkijkpost (Bemang Lookout). Beneden zien we de Middle pool en Upperpool. Wat ziet dat water er verleidelijk uit, nog meer dan ooit zijn we gemotiveerd om zelfs in deze hitte onze wandeling verder te zetten. Het water is wonderbaarlijk fris en helder. Dit is paradijs, nog meer omdat de wandeling in de hitte veel van onze energie gevergd heeft, de beloning is echter de moeite waard. De wandeling terug is veel minder inspannend en weg is breder en vergt minder klim en klauterwerk. Ook nu weer kunnen we genieten van een heerlijke avond in het Nationale Park met het typische gekrijs en gefladder van de fruitbats, de walliebies die ’s nachts de campground tot hun territorium uitroepen.
De volgende dag rijden we naar Katherine. Eerst eventjes halt houden in Pine Creek en dan via Kakadu Highway naar Kakadu National Park. Volgens de reisgidsen wordt dit het hoogtepunt van de reis. We kijken dan ook vol verwachting naar dit nationaal park. Het is trouwens het enige nationale park waar je ingang moet betalen. Ik vond het trouwens vrij duur. In de krant was er veel discussie want blijkbaar heeft de minister voor Toerisme onlangs beslist dat de inkomgelden zullen afgeschaft worden, ook voor Kakadu. Vooral de aboriginals reageren heftig. Dit is hun grond, zij baten i.s.m. met de Nationale Parken Kakadu uit. De inkomgelden gaan dan ook bijna integraal naar de stam. Benieuwd hoe het afloopt. Net voorbij Mary River Roadhouse rijd je kakadu binnen. We hadden graag Gunlomfalls en Jim Jim Falls gedaan maar je kunt hier enkel naar toe via een unsealed road en het is ons strikt verboden om dit te doen. Volgens de brochure is de unsealed road naar Gunlom Falls (waar Crocodile Dundee is opgenomen) mogelijk voor conventional cars maar we nemen toch liever het risico niet. Jim Jim Falls is enkel voor 4x4 wagens. Dus we rijden door naar Bowali Visitor Centre (net voor de spiltsing aan Jabiru). Het is bijzonder heet vandaag. Zelfs de korte wandeling naar het Visitor Centre is lastig. Maar het loont de moeite. Je vindt er bijzonder veel informatie, de ideale start voor een bezoek aan Kakadu. We beslissen om eerst naar het verste punt te rijden en morgen terug af te zakken, dus rijden we naar Ubirr. We zoeken een plaatsje op de campground. Het is er druk, maar de plaats die je krijgt toegewezen per camper is fenomenaal. Net daarom denken vele kampeerders dat je er met twee of zelfs drie kunt staan. Soms ontstaan er zelfs ruzies omdat mensen “hun” kampeerplaats opeisen. Ja dan heb je eens veel plaats ….De sanitaire faciliteiten zijn prachtig onderhouden. Het blijft mij telkens weer verwonderen hoe net en proper ze telkens weer zijn. We maken wat praatjes met onze buren. En dan trekken we naar Ubirr.
Dit is een bijzondere vindplaats voor “Aborginal RockArt” zoals de Ozzies de rotstekeningen noemen. Niemand kan de ouderdom van de rotsschilderingen precies bepalen. Sommige zijn meer dan 10.000 jaar oud, anderen slechts 80 jaar. Hoedanook behoren sommige rotstekeningen tot de oudste van de wereld.
Wanneer de zon ondergaat komen de muggen met duizenden uit. Opnieuw oorlog … maar nu zijn we gewapend. We halen de muggenspiralen, de wierookstokken, de spuitbus boven. Het is echt een invasie. Deze avond komt de ranger een diavoorstelling geven op de campground. We willen die zien. We merken dat iedereen met zijn campingstoeltje naar de voorstelling komt. Ik dacht dat ik hysterisch deed over de muggen, maar ik merk dat sommige Ozzies nog een stap verder gaan. Iedereen heeft zijn wapens mee: spuitbussen, coils, wierookstokken, het lijkt een belegerde vesting. Sommige hebben zelfs een muskietennet over hun hoofd getrokken. Over hysterie gesproken! De Ranger is een dame die blijkbaar nog maar net in Kakadu is gearriveerd. Ze werkt hier 4 maanden. Ik vraag mij af wie meer schrik heeft van de salties zij of wij? Als ze nog maar het woord krokodil gebruikt, hoor je een zenuwachtige trilling in haar stem. Vol schrik vertelt ze over die keer dat ze ’s avonds langs de weg naar huis reed en ze plots merkte dat in een plas langs de weg een 6m lange croc lag. Nog steeds is ze niet bekomen van de schrik. De diareeks is mooi, maar de ranger lijkt er minder van de weten dan wij. We keren terug en trekken ons terug in de muggenvrije camper. De nachten zijn te warm om in een gesloten camper te slapen. Maar doordat ik een muskietennet uit België heb meegebracht kunnen we zonder problemen met onze schuifdeur open slapen. Met wasspelden hangen we voor de deur een sarong, het meest functionele kledingstuk ter wereld! En geloof mij we slapen als roosjes.
Dit is een bijzondere vindplaats voor “Aborginal RockArt” zoals de Ozzies de rotstekeningen noemen. Niemand kan de ouderdom van de rotsschilderingen precies bepalen. Sommige zijn meer dan 10.000 jaar oud, anderen slechts 80 jaar. Hoedanook behoren sommige rotstekeningen tot de oudste van de wereld.Wanneer de zon ondergaat komen de muggen met duizenden uit. Opnieuw oorlog … maar nu zijn we gewapend. We halen de muggenspiralen, de wierookstokken, de spuitbus boven. Het is echt een invasie. Deze avond komt de ranger een diavoorstelling geven op de campground. We willen die zien. We merken dat iedereen met zijn campingstoeltje naar de voorstelling komt. Ik dacht dat ik hysterisch deed over de muggen, maar ik merk dat sommige Ozzies nog een stap verder gaan. Iedereen heeft zijn wapens mee: spuitbussen, coils, wierookstokken, het lijkt een belegerde vesting. Sommige hebben zelfs een muskietennet over hun hoofd getrokken. Over hysterie gesproken! De Ranger is een dame die blijkbaar nog maar net in Kakadu is gearriveerd. Ze werkt hier 4 maanden. Ik vraag mij af wie meer schrik heeft van de salties zij of wij? Als ze nog maar het woord krokodil gebruikt, hoor je een zenuwachtige trilling in haar stem. Vol schrik vertelt ze over die keer dat ze ’s avonds langs de weg naar huis reed en ze plots merkte dat in een plas langs de weg een 6m lange croc lag. Nog steeds is ze niet bekomen van de schrik. De diareeks is mooi, maar de ranger lijkt er minder van de weten dan wij. We keren terug en trekken ons terug in de muggenvrije camper. De nachten zijn te warm om in een gesloten camper te slapen. Maar doordat ik een muskietennet uit België heb meegebracht kunnen we zonder problemen met onze schuifdeur open slapen. Met wasspelden hangen we voor de deur een sarong, het meest functionele kledingstuk ter wereld! En geloof mij we slapen als roosjes.

0 Comments:
Een reactie posten
<< Home