Joke & Nico in Australia 2004

dinsdag, februari 28, 2006

Whitsunday Islands

Vandaag rijden we richting Sarina, dit is halfweg richting Arlie Beach – het vertrekpunt voor de Whitsunday Islands. Volgens velen is dit één van de hoogtepunten van Queensland dus daar willen we zeker naar toe.
Doordat we steeds heel vroeg vertrekken (omstreeks 8u00) komen we steeds in de vroege namiddag ter bestemming. Hierdoor kunnen we nog een ganse namiddag genieten van de regio. Omstreeks 13u komen we aan in Sarina. Eerst wat inkopen doen in het grootwarenhuis. Wanneer we onze wagen voor een lokale pub parkeren, komt plots iemand bijna hysterisch naar buiten. Als een gek roept hij ons dolenthousiast toe: Hey man I take acid too!! Nico en ik kijken naar elkaar en schieten in een lach. Achterop onze camper is geschilderd: We take acid to make the world better. We hadden er nooit echt bij stilgestaan, maar als je natuurlijk met een camper rondrijdt waarop staat dat je drugs neemt om de wereld een betere toekomst te geven, ja dan mag je wel verwachten dat je af en toe zulke gekke reacties krijgt. We beginnen langzamerhand te beseffen dat het rondrijden in zo’n camper toch wel opzien baart, zelfs in ozzie-land. We stoppen aan de plaatselijke camping. Vol liefde worden we door de bazin ontvangen. Ze spreekt mij steeds aan met ‘my love’ en Nico wordt natuurlijk aangesproken met ‘mate’. De camping staat behoorlijk vol want er is een plaatselijk countryfestival en blijkbaar komen mensen van heel Australia hier naar toe. We krijgen een plaatsje in het achterste gedeelte van de camping, maar eerst moeten we over een bump rijden. Nico kijkt mij vragend aan: moet ik daar over rijden? Met dit beestje? Dit is geen 4x4 hoor! Ik stel hem gerust. Jawel hier moet je over. Ook de andere campers doen vriendelijk teken naar hem: rij er maar over. No worries mate. Dus hij geeft gas en daar wipt Loony Tune over de bump. Oef alles hangt er nog aan. Het is heerlijk warm vandaag en het is nog vroeg. We profiteren van de enkele uurtjes zon die ons nog te wachten staan. Het moment om wat kleren te wassen. In de sanitaire blok staat de muziek op discotheekniveau. De was en de plas doen met luide countrymuziek op achtergrond, het eens wat anders. Daarna hebben we nog ruimschoots de tijd om te lezen, een plons in het zwembad te nemen en te genieten van de heerlijke zon. Relaxen in Ozzieland, heerlijk.
Terug de camper in, terug kijkt Nico bezorgd naar de bump. Maar geen getreuzel deze keer: volle gas en erover. De vriendelijke campinguitbaatser roept ons toe: bye my love, see you mate.
En daar gaan we, weer op weg naar onze volgende halte: Arlie beach. We kiezen voor Seabreeze camping. Achteraan de camping, voorbij de afgebakende plaatsen mogen we kamperen. Eén van de kampeerders, een iet wat oudere man, is bezorgd dat we te dicht bij zijn caravan zullen kamperen. Ik zie hem al denken: dat zijn jonge gasten en die zullen vannacht de boel op stelten zetten dus ik moet zorgen dat ze ver van mij staan. Als een generaal wijst hij ons de weg. Maar we vinden het niet erg om ver van de andere kampeerders te staan. Integendeel een beetje privacy vinden we heerlijk. Dus we zoeken ons een plaatsje tussen de bomen, waar we de camper wat in de schaduw kunnen plaatsen. Nog maar een paar dagen geleden zochten we de zon op zodat we ons konden opwarmen. Nu zoeken we de schaduw op om de brandende zon iets te vermijden. We zijn een week onderweg. Het wordt wel eens tijd om de camper uit te mesten. Alhoewel dat we proberen om alles ordelijk te houden, lijkt de camper momenteel eerder op een varkensstal. Dus we halen alles eruit en ontluchten lakens, kussens, dekens. Ondertussen genieten wij van de zon. Tijd om een verkenningstochtje naar Arlie Beach te doen. We proberen eerst om via een wandelpad rechttegenover de camping (bicential park trail) naar Arlie Beach te wandelen. Het wandelpad is vrij nieuw aangelegd, maar plots stopt het. Ze zijn er blijkbaar niet mee klaargeraakt. Dus terugkeren en via de grote baan, de heuvel over richting arlie Beach. Het is echt een backpackersstadje. Eén grote straat met enkel en alleen reisbureaus, hostels en cafés. We gaan een aantal reisbureaus binnen. Morgen willen zeker de whitsundays doen en snorkelen natuurlijk; Overal krijgen we blitse folders aangeboden. De prijzen zijn bijna niet te vergelijken. Bij firma A doe dit erbij, bij de andere krijg je dat, bij nog een andere moet je wetsuits nog betalen. We beslissen om iets te eten en ondertussen na te denken over de verschillende aanbiedingen. Langs de esplanade vinden we een druk bezocht terras. Er komt net een tafeltje vrij, we hebben echt zin om in de zon iets te eten dus we maken dankbaar gebruik van deze kans. We kiezen voor een pastagerecht waarbij de beschrijving alleen al ons doet kwijlen. Het duurt ongelooflijk lang vooraleer we ons eten krijgen. Maar het was het wachten meer dan waard. Het was het beste wat we ooit in Australia te eten zouden krijgen én het was relatief goedkoop. Een aanrader zonder meer. Het lekkere eten en de wijn heeft niet bijgedragen tot ons keuzeproces, integendeel het lijkt er alleen moeilijker op te worden naarmate we meer reisbureaus aandoen. We vinden het toch wel duur. 200€ voor een daguitstap is toch wel veel. Maar we zullen het doen, want uiteindelijk kom je maar één keer naar Australia. We wandelen terug naar de camping en beslissen om op de camping zelf te boeken.
Na overleg met de campinguitbaatster beslissen we om de Kookaburra-tour te nemen. We moeten morgenochtend om 6u00 opstaan en naar het mededelingbord komen kijken want de zee is quite rough en mogelijks zal de toch afgelast worden. Vandaag waren er baren van meer dan 2 meter. Ze komen ons hier oppikken.Naast de camping ligt een grootwarenhuis en een liquorstore, belangrijk om een voorraad eten en drinken in te slaan. Vandaag vroeg naar bed, want morgen is het vroeg dag.
We staan bij dag en dauw op. Op het mededelingenbord staat niets, dus onze trip gaat door. De oude kampeerder, we noemen hem de generaal, is ook reeds wakker. Hij is gerustgesteld, hij heeft gezien dat we verstandige jonge mensen zijn. Hij maakt een vriendelijk praatje met ons en vraagt beleefd wat we vandaag zullen. Ongelooflijk hij wenst ons zelf een goeie trip, en hij meende het echt. Om 6u30 staat een luxebus ons op te wachten. Daarom kost deze ‘cruise’ zoveel geld. We worden afgezet aan de haven, waar de bemanning ons staat op te wachten. Op de kaai moeten we betalen, zelf met VISA kun je betalen. Ook nu krijg ik terug korting met mijn ISIC-kaart. We moeten eerst een attest invullen: neen we hebben geen hart- en vaatziekten, neen we hebben geen astma, ja we kunnen 25m zwemmen, ja we hebben reeds gesnorkeld. We tekenen de passagierslijst af en we kunnen zitten. Met zo’n 15-tal deelnemers zijn. Iedereen kijkt elkaar onwennig aan. De kapitein heet ons welkom, vertelt de veiligheidsvoorschriften, stelt de bemanning voor: een fotograaf, twee duikers, de purser en de kapitein. We krijgen meteen wat koffie en koekjes aangeboden en weg zijn we. De golven zijn geen twee meter maar ze zijn toch nog steeds behoorlijk spectaculair. De eilanden zijn gewoon eilanden. Zo spectaculair lijkt het mij allemaal niet te zijn. De duiklerares probeert mensen te overtuigen om samen met haar te duiken (meerkost van 50€). Geen schrik dit zijn geen arabische toestanden. Het overtuigen gebeurt op z’n ozzies: no worries mate. Alles gaat gemoedelijk, nooit heb je het gevoel dat je in een situatie gepushed wordt, alles is ‘no worries’. Tegen 11u komen we aan in een baai waar blijkbaar alle boten aanleggen. We zijn aan Hill Inlet.

We worden met een klein bootje naar de oever gebracht. Volgens de folder stond ons nu een begeleide natuurwandeling in het regenwoud te wachten. Het blijkt een autostrade te zijn van mensen die allemaal naar het zelfde punt wandelen nl. de uitkijktoren van Hill Inlet. We moeten het toegeven: het is adembenemend mooi. Alles wat je ooit op een prentkaartje zag aan tropische stranden ligt hier voor jou in het echt. Daar waar je steeds dacht van: dit bestaat niet, dit is bijgekleurd. Vergeet het : het bestaat en ligt voor jou. azuurblauw water, sneeuwwitte stranden. Maar wanneer je naar dit natuurwonder staat te kijken met honderd anderen waarbij elkeen met zijn fototoestel probeert dit mooie fenomeen op de gevoelige plaat te leggen, dan verliest het toch wel heel veel van zijn charme. Of hoe massatoerisme ook hier toeslaat. Je kunt je de vraag stellen: waarom komen ze allemaal op het zelfde moment hier toe? Alles, dus zeker ook het toerisme, in de Great Barrier Reef is streng geregeld. Men mag enkel in deze baai varen bij hoogwater, anders zou men met de boten het koraal kunnen beschadigen. Dus alle boten komen toe tijdens hoogwater en moeten allemaal samen weer vertrekken. Alhoewel misschien slechts 100 mensen per dag Hill Inlet bezoeken, lijkt het alsof heel Arlie Beach op deze plaats vertoefd, net omwille van de beperkte tijd dat je dit eilandje kunt bezoeken.
Na een heerlijke maaltijd, en inderdaad het was zoals de folder het zei een buffet met alles er op en er aan, vaarden we richting snorkelplaats. Hier waren we wel alleen. Iedereen heeft een wetsuit gehuurd. Het water is té koud om er een uur in te liggen drijven. De wind is nog steeds bijzonder koud. Ook in de zomer heb je een wetsuit nodig, maar dan tegen de levensgevaarlijke box jellyfish (een kwal die wanneer hij jou prikt kan zorgen voor de dood binnen de 3 minuten). Deze kwal is er nu niet, net omwille van het koude water. We worden terug in het kleine bootje geplaats, maar eerst krijgen we duidelijke richtlijnen wat betreft het koraal en leren we welke tekens we moeten gebruiken wanneer we in gevaar zijn, terug willen naar de boot. We krijgen elk een drijfbuis mee, die we onder de armen kunnen steken, hiermee kunnen we nog meer genieten van het schouwspel onder ons. De purser blijft met zijn bootje constant in onze buurt en houdt iedereen goed in de gaten. Veiligheid is hier echt wel een prioriteit. Ik heb het in Egypte anders meegemaakt. Het is prachtig, hele scholen vissen zwemmen onder ons door, veel verschillende kleuren. Maar het koraal blijft natuurlijk het meest fascinerende. Verschillende kleuren, verschillende vormen, waaiend en bewegend, op en neer dansend met de golven. Na een uur merken we dat de meesten terug naar het bootje zwemmen, die hen dan terugbrengt naar de boot. Wij zwemmen zelf terug naar de grote boot, zo krijgen we opnieuw warm. De stroming is sterk maar het doet deugd om na een uur drijven, te zwemmen. Eerst passagierslijst aftekenen (je weet wel veiligheidsvereisten) dan wetsuit uittrekken, afdrogen en heerlijk warme kledij aandoen. Terug wat koffie, koekjes en fruit en dan terug varen. Ondertussen worden de foto’s van de fotograaf op een scherm geprojecteerd. Als je wil kun je de foto’s bestellen en ze ’s avonds afhalen in Arlie Beach. Het zijn best wel mooie foto’s. Net voordat het donker is legt de boot terug aan in de haven. De camping ligt op amper 10 minuutjes wandelen van de haven. We skippen het gratis busvervoer en wandelen liever terug.
Opnieuw horen we het krijsen van vogels. In een boom zitten wel 20 gele kaketoes. Vol bewondering kijken we naar deze fascinerende vogels. We hebben ze reeds vaak gehoord maar hier zien we ze van dicht. Moe maar tevreden want het was een fantastische dag keren we terug naar onze camper. En jawel de generaal staat ons op te wachten. Hey mates, how was your day. Onmiddellijk wordt het gesprek aangeknoopt. De generaal is oprecht geïnteresseerd in onze gebeurtenissen.
We BBQ’en, eten onder de shelter en lezen nog een boekje en drinken wat wijn.